De onvoltooide droom van Abt Campmans

 

De cisterciŰnzers en stedenbouw

Het ontwerp voor de Duinenabdij vergde een volledige nieuwe stedenbouwkundige benadering van de wijk. Straten werden ingepalmd en huizen in grote getale aangekocht en gesloopt. Abt Campmans vatte een belangrijk stedenbouwkundig avontuur aan, waarvoor hij op dat ogenblik over voldoende financiŰle middelen beschikte.

Het stadsplan van Marcus Gheeraerts uit 1562 geeft een goed beeld van het uitzicht van de wijk en het oude refugehuis vˇˇr de komst van de Duinheren. Het bestaande huis zou in opdracht van abt van Ter Doest, Arnulfus Neyhensis, op het eind van de 13de eeuw zijn gebouwd en tot in de 16de eeuw zijn uitgebreid of verbouwd. Op het plan is een twee bouwlagen hoog huis op L-vormige plattegrond herkenbaar. Het situeerde zich op een binnenterrein en werd van de Potterierei gescheiden door een muur met een poortopening. Aan de kant van de rei bevond zich nog een hoog langshuis. Dit refugehuis werd omschreven als 'tHof van ter doest of een seker groot huys met eene groote plaetse van lande, 't ghone aldaer wordt gheseyt gheweest te syn 't hof van ter doest, welck huys nu is afghebrocken ende gheconventeert in de bassecourt van d'abdije vanden duynen daer men comt door een groote poorte. » 5 Het erf van het refugehuis werd begrensd door de (verdwenen) Zandstraat.

In het nu bestaande abdijcomplex zijn delen van het voormalige refugehuis ge´ncorporeerd en nog herkenbaar. Het werd dus niet volledig gesloopt zoals de archiefdocumenten laten uitschijnen.

De rijke monniken kochten in de volgende decennia niet minder dan 90 huizen aan om het bouwterrein uit te breiden. In de onmiddellijke omgeving lagen verschillende straten die eveneens in de abdij werden ge´ntegreerd: de Zandstraat, de Bogaertstraat, de Leestenburgstraat, de Haarstraat, het Rosenboomstraatje, de Richelstraat, het Harnasstraatje en de Stuivenbergstraat. Een 17de-eeuwse interpretatie van het begrip stadsplanning.

In het archief van het grootseminarie worden enkele aankoopbrieven bewaard, die een reconstructie van de wijk mogelijk kunnen maken en een kijk op de socio-economische achtergrond van de eigenaars en bewoners geven.» 6 De aankoopbrieven behelzen de periode 1626-1630 en geven dus mogelijk slechts een fractie weer van de situatie. Zo werden partijen hovernierslandt, een huus en de heesterken, een camere met eene steene voorghevel, een huus streckende totte Reye, eene groote steene huyse ghedect met teghels, een boomgaert,...aangekocht. De aankopen gebeurden uit de hand en blijkbaar zonder discussies of moeilijkheden. Verder archiefonderzoek blijft echter noodzakelijk om een vollediger en correcter beeld te krijgen.

Dat schoon en vermaert clooster van Duynen, twelcke aen alle mensen dient tot verwonderinghe

« De cisterciënzermonniken van Ten Duinen naar Brugge |  | De bouwmeester »

« hoofdpagina | 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | volgende pagina » |  ^ top 

Voetnoten

« 5 SAB, Oud Archief nr. 138, Zestendelen, Carmerszestendeel, 18de -eeuwse kopie, fol.722

« 6 AGSB, Fonds Duinen-Doest, B 2025 -B 2050, B 2052 en 2056